Bijlage I Protocollaire bepalingen

Lid 1 Tussentijds overleg partijen

Partijen bij de cao zijn van oordeel dat de ontwikkelingen in de bedrijfstak en daarbuiten een onderwerp van gezamenlijke bespreking dienen te vormen.

Zij erkennen dat de zorg voor de werkgelegenheid in de bedrijfstak één van de doelstellingen is en daardoor tevens een onderdeel behoort te zijn van het gehele beleid dat ten behoeve van de agrarische sector wordt gevoerd.

Op grond van deze overwegingen zullen partijen regelmatig, maar in elk geval ten minste tweemaal per jaar, overleg met elkaar voeren. Dit overleg vindt plaats binnen de Sectorcommissie Groen, Grond en Infrastructuur.

Doel van dit overleg is het bespreken van de situatie in de bedrijfstak en daarbuiten en de bespreking van de uitvoering van gemaakte afspraken in de cao Groen, Grond en Infrastructuur. Tevens zullen tijdens dit overleg andere zaken aan de orde komen, waarvan partijen nadere bespreking noodzakelijk achten.

Ten behoeve van structurering van het overleg worden nadere afspraken gemaakt over de frequentie, het voorzitterschap, het opstellen van de agenda en over concrete thema's en taken die in ieder geval zullen worden besproken.

In het bedoelde overleg komen in ieder geval aan de orde:
Onderwerpen die worden uitgevoerd en/of medegefinancierd in het kader van Colland Arbeidsmarkt. De belangrijkste onderdelen daarvan zijn:

  • De werkgelegenheids- en arbeidsmarktsituatie in de sector;
  • Scholing en opleiding van werkenden;
  • Aanjagen en volgen van activiteiten en projecten;
  • Jaarlijks formuleren van voorstellen voor activiteiten en projecten die ten laste komen van Colland Arbeidsmarkt;
  • Opstellen van adviezen over de toepassing van reglementen en voor de behandeling van bezwaarschriften in het kader van Colland Arbeidsmarkt;
  • Jaarlijks opstellen van een voorstel voor de premie voor Colland Arbeidsmarkt ten behoeve van het cao-overleg Groen, Grond en Infrastructuur.

Lid 2 Eerder stoppen met werken
Duurzame inzetbaarheid

Seniorenregeling en vervroegd uittreden
Cao-partijen vinden het belangrijk dat de werknemers in de sector gezond, veilig en met plezier werkend hun pensioen kunnen bereiken. In het kader hiervan wordt sinds 1 januari 2004 door middel van de seniorenregeling werkenden in de sector de mogelijkheid geboden om (inmiddels) vanaf 10 jaar voor de AOW leeftijd gedurende 5 jaar minder te werken. Door de verschuiving van de AOW-leeftijd is gaandeweg echter een knelpunt ontstaan. Gelet hierop beogen cao partijen een structurele en bestendige aanpassing van de seniorenregeling.

Cao-partijen weten dat er werknemers in beroepen werkzaam zijn waar het moeilijk is om door te werken tot de pensioenleeftijd. Voor hen is vervroegde uittreding de enige of een belangrijke oplossing om gezond, veilig en met plezier hun pensioen te bereiken. Door middel van de tijdelijke subsidieregeling DIEU stelt de overheid middelen ter beschikking ten behoeve van investeringen in duurzaamheid en het mogelijk maken van vervroegd uittreden.

In opdracht van cao-partijen wordt onderzocht:

A) Of en hoe de seniorenregeling ook ingezet kan worden in het kader van vervroegd uittreden (denk bijvoorbeeld aan het ‘opsparen’ van de seniorendagen). In het onderzoek wordt ingegaan op de mogelijkheden die dit de werknemer en werkgever ieder biedt (kosten en baten in brede zin)

B.) Of en hoe een vervroegd uittreden regeling zoals de overheid nu voorstaat in de sector geïmplementeerd kan worden, mede rekening houdend met de mogelijkheden van inbreng van werknemers middels bijvoorbeeld de seniorenregeling. De mogelijkheden die de subsidieregeling DIEU biedt zullen daarbij nadrukkelijk betrokken worden. Het doel van dit onderzoek is om samen te komen tot bouwstenen voor het gezamenlijke belang dat werknemers in de sector gezond, veilig en met plezier werkend hun pensioen kunnen bereiken. Het onderzoek is basis voor een gesprek over het kiezen van goede en passende bouwstenen. Dit gesprek zal plaatsvinden zo spoedig mogelijk na het onderzoek en kan tot extra cao afspraken leiden. Bij het onderzoek worden de mogelijkheden van gebruik van middelen uit het Overbruggingsfonds en andere mogelijke subsidieregelingen betrokken.

Lid 3 Onderzoek naar werkgeluk

Gericht op het streven naar arbeidsomstandigheden, arbeidsverhoudingen en arbeidsinhoud die gezond, veilig en met plezier werken mogelijk maken/versterken, zal namens cao-partijen een breed en uitgebreid onderzoek gedaan worden naar het werkgeluk van de werknemers in de sector.

Lid 4 Naleving van de cao

Cao-partijen stellen een commissie in die een reglement gaat uitwerken om de naleving van de cao te bevorderen.

Lid 5 Rouwverwerking

Cao-partijen stellen een commissie in die een checklist zal ontwikkelen hoe werkgevers en werknemers om kunnen gaan met rouwverwerking.